Hij kwam door de gang naar me toe gelopen terwijl ik een beamer op mijn laptop aansloot. Ik sta op dat moment in de teamkamer van een wijkgebouw in Valkenswaard een feedbacktraining voor te bereiden. In de deuropening leek een ondoordringbaar vlies gespannen te zijn. De envelop met twee handen voor de gesp van zijn broekriem. ‘Is het hier te doen?’, bibberde een broze stem die niet leek te passen bij zijn forse postuur.
Paradijs
‘Jazeker’, zeg ik, ‘hier gaat de wereld zo meteen open. U bent in een paradijs gearriveerd.’ Hij glimlacht wel, maar ik zie dat een loodzwaar iets in zijn borst, een van zijn mondhoeken op de plaats houdt. ‘Komt het team van Yvonne hier vergaderen?’ ‘Klopt!’, ontsnapt mij enthousiast, maar iets in mijn achterhoofd zegt dat er iets ernstigs aan de hand is met de verschijning van deze man. ‘Mag ik even binnen komen meneer, ik heb met Yvonne afgesproken dat ik vandaag even in de vergadering langs zou komen. Mijn naam is Bos, Wim Bos.’ Hij is door het vlies geschreden en reikt me een vochtige hand. Nog voordat ik blij aan hem kan laten weten dat ook mijn naam Wim is, breken zijn tranen door. Er nestelt zich een brok in mijn keel. Terwijl zijn rechterhand nog traag in de mijne danst, kruipen de duim en wijsvinger van zijn andere hand onder zijn bril om de tranen weg te vegen. In plaats van langs zijn neus, stroomt zijn verdriet nu in grote bogen over beide wangen, om weer samen te komen onder aan zijn kin.Troost
Wim Bos laat zijn pijn even helemaal gaan en ik voel me nederig. Als onze handen elkaar loslaten, leg ik mijn hand op zijn bovenarm. ‘Wilde ‘n bakske koffie?’, vraag ik op zijn Brabants. ‘Ja doet da maar asjeblief.’ Als ik hem een stoel aanbied, legt hij zijn envelop op tafel en ploft hij neer. Een nieuwe golf emoties komt vanuit zijn tenen door zijn schuddende oude lijf naar buiten. Ik zie onwillekeurig het schilderij van Vincent van Gogh, waarop een treurende landarbeider op een bed zit, in een tableau dat de miserie van de geschilderde man vermenigvuldigt. Op de envelop zie ik in bibberende letters ‘Voor Yvonne en de collega’s. Bedankt voor de goede zorgen voor mijn Mia. Namens Wim Bos.’ Nu begrijp ik dat zijn vrouw is overleden en door het team van Yvonne verzorgd is. Hier zit een verse weduwnaar met diepe wonden. ‘Het is…. het is zo moeilijk…’ pufjes ontsnappen aan zijn met zware gewichten behangen mond. Ik ruik zijn transpiratie door zijn after shave heen.Ruimte is alles
Ik voel me rustig en besef dat ruimte voor zijn verdriet een van de weinige dingen is die ik of het team zo meteen kan bieden. En een bakkie troost. Terwijl ik hem zacht op zijn schouder klop, laat ik hem weten dat ik koffie ga halen. Als het theelepeltje op de rand van het kopje tikt, horen we allebei de eerste verzorgenden binnen stuiven. Gezellige drukte. Lachen. Even veert Wim Bos op waarbij hij mij verwonderd aankijkt. ‘Daar zijn ze’, bevestig ik. Wim pakt zijn envelop en zet hem recht voor zich op tafel.De verzorgenden zien de Wimmen zitten en komen meteen naar binnen. Ze begroeten de treurigste van ons twee hartelijk, en wrijven over de inmiddels weer hevig schokkende schouders. Ik voel mijn onzichtbare verantwoordelijkheid overvloeien naar de binnenstromende vrouwen. De treurende man is in goede handen nu. Vrouwenhanden. Dat is toch wel even iets anders. Er heerst een eerbiedige sfeer in de groep. ‘Het is….. zo verrekkes moeilijk…’
En goede aandacht
Dan komt Yvonne binnen. Terwijl ze het hengsel van haar tas over haar hoofd heen trekt, verliest ze Wim Bos geen moment uit het oog. ‘Heeeeej, Wim. Bende toch nog gekomen. Wat goed van jou en wat fijn voor ons.’ De ruimte vult zich in alle opzichten met warmte.Wim is een kleine man geworden als hij Yvonne ziet. Met zijn gerimpelde hand bedekt hij zijn hele gezicht. Dunne tere huid met paarse vlekjes. Als het rumoer van het inchecken langzaam uitdooft, gaat Wim Bos staan en opent hij langzaam de envelop. ‘Ge moet er toch gewoon doorhinne…’
Het voorjaarsgekwetter van sjansende merels dringt de ruimte binnen. In de verte een sirene van hulpdiensten. ‘Het is heel moeilijk en het komt allemaal weer goed,’ begint Wim. Daarna leest hij zijn tekst voor. Inmiddels komen ook de tranen bij sommige teamleden. Een golf verdriet blijft twee keer steken in zijn keel en dan gaan zijn woorden van dankbaarheid verder. Mijn ogen prikken ook en ik kuch een brokje weg.
Huilmannen
‘…en hier is iets voor jullie teamuitje. Geniet ervan!’ Even gaat hij nog zitten maar hij staat een seconde later weer op. ‘Ik zal jullie niet langer ophouden.’ Hij heeft de armleuningen nog vast. Daaraan zien we dat hij het liefst niet terug naar de stilte van zijn huisje wil gaan.En het liefste zouden we met ons allen een permanente deken van troost en welbehagen om hem heen willen leggen. Huilmannen roepen nou eenmaal de ultieme empathie in ons op. ‘Ge moet er toch gewoon doorhinne, met mij komt het wel goed’ , zegt hij als troost voor ons.
Yvonne begeleidt hem naar buiten. Een arm om zijn schouder. En een hand op zijn bovenarm. Zoals alleen Yvonne dat kan.
‘Wauw. Dit is nog eens mooie feedback. Komt binnen!’ Hiermee probeer ik een bruggetje naar de training te maken, maar heb er eigenlijk helemaal geen zin meer in.
Als Yvonne terugkomt zie ik haar opgeruimde lach: ‘Zullen we eens met de feedbacktraining beginnen?’
Deze momenten van dankbaarheid en waardering geven je de feedback dat je op de goede weg bent. Welke momenten van dankbaarheid vergeet jij nooit meer?

Reacties
Een reactie posten