Doorgaan naar hoofdcontent

(L)even in de rouwerij




Ben jij ook zo bang dat de dood jou van je partner scheidt? Dat je dochter door een auto fataal wordt geschept. Je zoon van zijn scooter valt en overlijdt? Je wil waarschijnlijk niet doorlezen.

Anticiperen op dergelijk verlies roept angst en afgrijzen op. Het zet alle afweermechanismen in stelling. De rauwe waarheid is dat het je zielenrust niet gaat helpen. Jij gaat dood. Je ouders, partner en ook je kinderen gaan ooit dood.

Wat is er gebeurd met ons vermogen om hier mee om te kunnen gaan?

De 1,1 miljoen Nederlanders die aan de anti depressiva zitten kunnen hier weinig zinnigs over vertellen. En ook de miljoenen die benzodiazepinen tegen onrust en slapeloosheid gebruiken slikken het ongemak weg.

De huisarts goochelt met zijn machteloosheid door een receptje te maken. Graag geholpen door de pharma. Die reiken de chemische gereedschappen aan. Zodat de dokter na een zes minuten consultje snel weer door kan naar de volgende patiënt, de 'geduldig lijdende'...

Voor de dood moet je sowieso niet bij een arts zijn. Die is er om je zo snel mogelijk beter te maken. Niet dood. Maar gelukkig maken of vrolijk, ook dat kan de dokter niet.


Geduld oefenen en ruimte maken voor andermans leed. We zijn er niet meer zo goed in als 100 jaar geleden. Toen droegen mensen na een overlijden rouwkleding, of een zwarte rouwband om de bovenarm. Een jaar lang.
De goegemeente hoefde geen onhandige vragen te stellen en kon direct respectvol zwijgen. Troosten. Stil zijn of gepaste aandacht bieden en gewoon samen zijn. Zichtbaar en erkend worden in het te dragen leed zodat gedeelde smart even als halve smart beleefd kon worden. Heel normaal en helend. En dan nóg is het loodzwaar om toe te werken naar de tijd dat er weer aan andere dingen gedacht kan worden.

Ik heb de indruk dat we anno nu minder sterk staan dan honderd jaar geldeden. We gaan niet meer massaal naar een kerk. Voor altijd jong en sprankelend zijn is de norm. Genieten en optimisme etaleren we op sociale media. Intussen zitten er massa’s mensen in hun eentje op de bank voor hun flatscreen te verpieteren.

Wie praat er drie maanden na een groot verlies nog gemakkelijk en open over de emotionele wonden, zonder advies om aan de pillen of een rouwgroep te moeten? Hoe snel trekken we online daten en Tinderen uit onze hobby apotheek?

De bonte verzameling Nederlandse individuen heeft heel veel zwakke kaarten in het spel waarmee we ons gammele emotionele huis gebouwd hebben.

Daarom pleit ik voor het normaliseren van het gesprek over menselijk leed. Te beginnen in het basisonderwijs en bij de koffiecorner van de Appie. In plaats van ‘hoe is het?’mag er ‘Hoe erg is het?’ gevraagd worden. De weerman die in het acht uur journaal Nederland een mooie avond wenst, nadat hij heeft bekend in een leeg bed te slapen.

In de zorg komen we ze tegen. De eenzamen, de wanhopigen. De rouwenden en verlatenen. En het beste dat we ze te bieden hebben is onversneden aandacht.
De verzorgenden en verpleegkundigen brengen een beetje verlichting in hun moeilijke tijd. En dat is het mooiste dat er is.

Reacties